Betekenisvolle context

Het is maandagochtend in groep 7/8. Bij de dagopening nemen we de actualiteiten door om de wereld het klaslokaal in te brengen en de blikken te verbreden voorbij het eigen ik. Een vinger. Mooi, denk ik, er komen steeds iets vaker actualiteiten uit de kinderen zelf. Onze inspanningen werpen vruchten af.

‘Ajax heeft gewonnen dit weekend, juf’. Ok, niet helemaal de actualiteit waar ik op hoopte. Er was namelijk ook iets met een staakt het vuren en uitruil van gevangenen/gijzelaars. Maar goed, het is een actualiteit. ‘Da’s mooi’, zeg ik, ‘op welke plek in de competitie staat Ajax nu?’. Dat is de brenger van het nieuws onbekend, dus de administratie (een van de rollen die kinderen kunnen spelen bij ons in de klas) zoekt het even op. Het rijtje competitie uitslagen verschijnt. Plaats 8..ok… 

Ik wil eigenlijk verder en dan maar zelf het staakte-het-vuren inbrengen als ik zie dat mijn collega een ingeving heeft. Ik geef hem de vloer. Hij loop naar het scherm en vraagt. ‘Hoeveel punten heeft Ajax nu in de competitie?’ Er wordt getuurd en vingers gaan omhoog. ‘En wat betekent dit getal, 13?’ Een enkeling ziet het: ‘Gespeelde wedstrijden, meneer’.  En dit getal? Geen ideeën. “Winst, kijk maar, een W. Wat zou deze dan betekenen met de V erboven?’ Lampjes gaan aan in de bovenkamers. ‘Verlies!’ Juist. 

En zo nemen we de voetbal-statistieken door. Een fors aantal begrijpt na 3 clubs nog niet wat we nu eigenlijk aflezen, dus we pakken er nog een paar. De dagopening is verworden tot een les studievaardigheid. Maar wel eentje in een betekenisvolle context.